Input your search keywords and press Enter.

Samen uit Samen thuis 2.0: Winst op de Hivernal trail

Een dikke week geleden schreef ik nog over hoe het is om (bijna) altijd de langzaamste te zijn. Nu loop (lees: ploeter) ik met een glimlach op mijn gezicht de Wilhelminaberg van Landgraaf omhoog. Ik loop als eerste dame. En ook al zijn we pas 1 kilometer op weg, ik bedenk me er maar van te genieten zo lang als het duurt. Mijn lief, evenals vorige week weer mooi in de buurt.

Deze ‘berg’ ken ik eigenlijk alleen maar van een klein afstandje. Ieder jaar kijk ik er exact 4 dagen tegen aan. Liggend in het gras, onder het genot van een biertje luister, danst en zing ik mee bij grote namen als de Rolling Stones, Metallica, Robby Williams, Linkin Park, Ed Sheeran en vele anderen. Onze minivakantie, zo noemt mijn beste vriendinnetje het.

Vandaag blijkt alles behalve een minivakantie. Wanneer ik na 3 kilometer nog steeds voorop loop bedenk ik me dat een podiumplaats er misschien wel in zit. Als het 3 kilometer lukt, waarom dan geen 20?! De tweede dame zit vlak achter me. Sinds de start zit ze me op de hielen. Een seconde of 10, 15. Af en toe wordt het gaatje iets groter, dan weer hijgt ze in mijn nek. Ze lijkt deze tweede positie echter uiterst comfortabel te vinden. Ze gaat me niet voorbij.

Ik weeg af: Eigen tempo en haar laten volgen, met het risico dat ze me op de laatste kilometers voorbij komt?  Of haar voor laten gaan en bekijken of ik haar met de nodige reserve bij kan houden. Ik begin dit leuk te vinden. Nooit zijn races voor mij tactische spelletjes. In de achterhoede en middenmoot is het strijden met jezelf, maar nimmer met een tegenstander. Ik kies voor het eerste, controlefreak als ik ben hou ik het toch het liefste in eigen hand.

De Wilhelminaberg blijkt aangelegd door iemand met een uiterst creatieve geest. Wat me in al die jaren Pinkpop nooit is opgevallen wordt nu pijnlijk duidelijk. Deze berg kan je van zo’n 4 verschillende kanten op. Na de welbekende trap, waar menig Zuid Limburger zijn hoogtemeters op traint, volgen vele modderige steile slingerpaadjes waaraan geen einde lijkt te komen. Het is de organisatie gelukt om 20 kilometer super gave route uit te zetten op een postzegel. Omhoog, omlaag, bochtje naar links, glibberen naar rechts. Iedere bocht geeft me de gelegenheid om stiekem even een blik op mijn concurrente te werpen. Ik probeer te ontdekken hoe hard ze aan de bak moet om te kunnen volgen. Ik kijk naar haar op zoek naar sporen van vermoeidheid.

Op, naast, bij en na de berg staat Sander met een grote big smile ons aan te moedigen. Fijn! Even een momentje van afleiding. Ook mijn concurrente blijkt support te hebben onder weg. Op verschillende plaatsen langs het parcours staat een mountainbiker die haar moed in spreekt. Ik nader hem met mijn ik-ben-nog-lang-niet-moe-gezicht en hoop dat hij haar vertelt hoe fris ik nog oog. Mijn lief herinnert me er ondertussen aan te eten en te drinken en voorziet me van tactische tips en trucs. Het enige dat ik zelf hoef te doen is rennen.

De kilometers tikken weg en er veranderd niets aan de situatie, behalve dat ik er steeds meer van overtuigd raak dat ik deze race kan winnen.

Omdat ik er rekening mee houd dat ze mogelijk nog wat over heeft aan het einde loop ik niet op mijn max. Af en toe geinen we zelfs een beetje. Hoe anders is dit dan een week geleden. Toen stapte we uit vanwege een blessure. Ik check hoe hij zich voelt. “Best prima” klinkt het. Ik geloof er niks van, maar accepteer het antwoord. Ik grap dat ie vandaag toch echt in zijn eentje moet uitstappen mocht het nodig zijn. Hij lacht en vertelt dat ie al bedacht had dan ‘even naar de wc’ te zijn.

En dan, het duurt even, maar op een kilometer of drie voor de finish realiseer ik me dat ik mijn concurrente gelost heb. Het sneeuwt inmiddels behoorlijk en de kilometers modder hebben er aardig ingehakt, maar ik voel er niets van. Ik ga deze race winnen. Tegen iedere wandelaar die ons pad kruist wil ik vertelen dat ik de eerste dame ben vandaag. Uit enthousiasme loop ik bijna nog verkeerd. Maar dan, na 20 kilometer, steek ik met een grote glimlach mijn handen omhoog. 1e dame…. Mijn eerste looppodiumplek ooit.

Een uurtje later stap ik ietwat ongemakkelijk op de hoogste trede. Hoe gedraag je je hier eigenlijk? Ik krijg een bon voor een paar mooie Tecnica’s uitgereikt. Maar veel belangrijker: 22 jaar na mijn laatste turn-medaille heb ik er een nieuwe hobby bij: Racen.

En hey, ik voel me nog altijd fitter dan na een minivakantie op Pinkpop.

You Might Also Like

3 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

3 + 11 =